de Volkskant - 17 juli 2007
Terug
De Scheidingsmakelaar. Logisch toch?!
'Eenderde van de
huwelijken eindigt in scheiding. Dat cijfer is al jaren stabiel.
Het huwelijk is geen noodzaak meer, maar een optie. Iedereen gaat
voor het eigen geluk.'
Paul Bánsági,
scheidingsmakelaar. Een nieuw ambacht, dat hij graag onder de
aandacht brengt. 'Een begrafenisondernemer, daar zijn mensen op
voorbereid. Maar geen mens bedenkt van tevoren dat hij ons nodig
gaat hebben.' Ze zenden lokaal televisiespotjes uit. Een man
rijdt door een tunnel naar het licht, een vrouw stapt op een
pontje naar de overkant. 'Scheiden is ook een nieuw begin,'
bezweert een montere voice-over. 'De scheidingsmakelaar. Logisch,
toch?'
Hij zit in een
kantoor aan de gracht, dat hij voor een dagdeel gehuurd heeft.
Hoofdhuurder is een psycholoog, op het bureau staat een doos
Kleenex. Die blijven bij hem onaangetast. 'Ik probeer uit het
mijnenveld van emoties te blijven,' zegt hij, 'daar ben ik niet
voor opgeleid.'
Wel stelt hij
een scheidingsconvenant op. Daarin liggen alle afspraken vast die
voor een scheiding benodigd zijn. Ze hoeven ('oneerbiedig
gezegd') alleen nog op het briefpapier van een advocaat te worden
uitgeprint en door de rechter goedgekeurd. 'Bij de Amsterdamse
rechtbank handelen ze het in zes weken af. Scheidingen zijn voor
hen ook gewoon geld verdienen.'
Vanochtend
zijn meneer A en mevrouw B op bezoek. Meneer A draagt felblauw,
mevrouw B felrood. Ze willen van elkaar af. Waarom, dat blijft
onduidelijk. Even onduidelijk is waarom ze met elkaar trouwden.
De scheidingsmakelaar vraagt er niet naar. Hij is kalm en to the
point. Pensioen, alimentatie, co-ouderschap worden puntsgewijs
doorgenomen. Weten de kinderen het al? ''t Is nu proefwerkweek.
We wachten op een geschikt moment,' zegt meneer A. 'Het liefst
als we het huis hebben gekocht.' 'Daar ben ik het niet mee eens,'
zegt mevrouw B. 'Dat huis zal die kinderen worst wezen.' 'Een
kind heeft houvast nodig,' vindt meneer A. 'Een kind heeft ook
tijd nodig,' zegt de scheidingsmakelaar. Hij overhandigt mevrouw
B het boekje 'Scheiding en ouderschap', graag na lezing
retour.
Na een uur
staan meneer A en mevrouw B weer buiten. Als alles goed gaat,
zijn ze in september gescheiden.
Met de
scheidingsmakelaar eet ik nog een broodje. Zou je niet liever
trouwambtenaar zijn, vraag ik. Hij peinst. 'Ik denk dat ik dat
moeilijker zou vinden. Dat je mensen naïef die roze wolk op ziet
stappen, terwijl je de statistieken kent. Dan vind ik dit werk
realistischer. Als ze er zonder kleerscheuren uitkomen, haal ik
daar voldoening uit.'
Ooit was ook
hij naïef. De scheidingsaanvraag van zijn vrouw kwam na tien jaar
als donderslag bij heldere hemel. Partneralimentatie weigerde
hij, al verdiende zij meer in die tijd. Dat was een erekwestie,
'ik wilde er gewoon vanaf.' Ze delen de zorg voor hun kind, met
zijn huidige vriendin heeft hij er nog een. Trouwen zal hij niet
snel meer doen. 'In die eeuwige belofte geloof ik niet meer. En
juridisch kun je, als je dat echt wilt, overal onderuit.'
Eerder was hij
IT-er, bedrijfsleider, vertaler en webdesigner. 'Dit heeft wel
iets weg van IT,' zegt hij, 'scheidingen zijn ook projectjes die
gemanaged moeten worden.' Dit werk bevalt hem prima. De vrijheid
van het ondernemen. Zijn doel was veertig scheidingen in het
eerste jaar, met dertig zit hij ruim op schema. 'En als ik dit
niet meer leuk vind, begin ik iets anders.'
Even later
fietst hij langs, op weg naar zijn eigen kantoor. Een open
werkplek die hij deelt met nog wat creatieve geesten. Paul
Bánsági. Vlot jasje, spijkerbroek, kinderzitje. Flex-werker,
co-ouder. Scheidingsmakelaar. Logisch, toch?
(Bron:
www.maartjeduin.nl
/ gepubliceerd in Volkskrant Banen, 17 juli 2007)