De Wet werk en bijstand is een uitkering voor mensen die niet
zelfstandig, vanwege te weinig inkomen of vermogen, in hun
levensonderhoud kunnen voorzien en niet in aanmerking komen voor
een andere uitkering. Er zijn relatief veel mensen, met name
vrouwen, die na een scheiding een beroep doen op bijstand.
De gemeente toetst of de persoon daarvoor in aanmerking komt.
Indien er een ex-partner is die partneralimentatie kan betalen,
wordt dat beschouwd als een voorliggende voorziening. Ook als
partijen hebben afgesproken geen partneralimentatie te betalen
aan elkaar. Daarnaast kijkt men of er een eigen vermogen is. Soms
heeft bijvoorbeeld de vrouw na een scheiding, vanwege de
uitbetaling van de helft van de overwaarde van de echtelijke
koopwoning, eigen vermogen. Bij een gezinssituatie is het
vrijgestelde vermogen €10.910-, voor alleenstaanden €5455,-.
Indien er meer vermogen is moet dit eerst worden gebruikt om
zelfstandig in het levensonderhoud te kunnen voorzien.
Als er wel een recht is op bijstand gaat dit ook gepaard met
plichten. Zo is er de plicht te solliciteren naar alle soorten
normaal geaccepteerd werk. Ook banen die niet aansluiten bij
werkervaring en opleiding vallen hieronder. Het moeten verzorgen
van kinderen geeft veelal ook geen aanleiding om vrij gesteld te
worden van de sollicitatieplicht. Ten opzichte van een aantal
jaren geleden is dit strenger geworden. Wel moet de gemeente
meewegen of kinderopvang beschikbaar is. Ook zal de gemeente zich
inspannen om de bijstandsgerechtigde bij te staan een baan te
vinden. Dit doen ze door bijvoorbeeld scholing of een
sollicitatiecursus. Houd bij een scheiding dus rekening met deze
wet. Reageren: bezema@scheidingsmakelaar.nl